Menu

Incongruentie van de elleboog betekent zoveel als dat het ellebooggewricht niet passend is. Vaak is er dan een lengteverschil tussen spaakbeen en ellepijp, maar ook kunnen het opperarmbeen kan knel zitten in het bovenste deel van de ellepijp. Het gevolg hiervan is abnormale belasting op bepaalde plaatsen in het gewricht. Hierdoor treedt er irritatie en slijtage van het kraakbeen op. Het wordt vermoed dat incongruentie ook een rol speelt in het ontstaan van een LPC en LPA. Door middel van een kijkoperatie (artroscopie) is de vorm van het ellebooggewricht goed te beoordelen. 



Op jonge leeftijd is soms op een relatief makkelijke manier wat aan de incongruentie te doen. Door een stukje van de ellepijp te verwijderen, heeft de ellepijp de mogelijkheid om ter hoogte van het gewricht een betere positie aan te nemen.



Tevens kennen we nog een vorm van incongruentie die ontstaat doordat in de groei er een beschadiging is opgetreden van de groeischijf van spaakbeen of ellepijp. Dit veroorzaakt een groot verschil in lengte tussen beide botten en zal snel tot kromming van de voorpoot leiden.